5. Avontuur in een grot

les dramatische vorming - creatief spel - afspraakspelen - een rol spelen © Walter Roozendaal - www.muzemuzette.com - klik hier voor meer informatie
  • Voorbeeld van een opdracht met WAAR en een gedeeltelijk gegeven WIE.
  • Leerlingen worden uitgedaagd een spannend verhaaltje te maken (WAT/DRAMATISCH CONFLICT)
  • De leerlingen ontdekken dat niet iedereen vanzelf een echte rol krijgt: hoe los je dat op?

Opdracht

  • Maak subgroepen die eigenlijk net iets te groot zijn, bijvoorbeeld van zes leerlingen.
  • Op één na spelen alle leerlingen een kind. Eén leerling mag een andere rol hebben.
  • Het verhaal heet (hier laat ik mijn stem altijd wat onheilspellend klinken, dat is genoeg om deze opdracht aan te sturen) In een grot.

Resultaat

Het is duidelijk dat een stel kinderen een grot in gaat, en daar een avontuur beleeft. Daarbij speelt één kind een andere rol: meestal iets van een dinosaurus, holenbeer, moordenaar, of een andere onverwachte engerd.
Dat geeft altijd veel opwinding. Je kan daarbij kiezen of je de les over gevechten en achtervolgingen hiervóór doet, of juist hierna. Als je die les nog niet gegeven hebt is de noodzaak nu waarschijnlijk wel duidelijk.

Tegelijkertijd komter in de toneelstukjes nog iets naar voren. Want met deze groepsgrootte worden er in de meeste gevallen maar drie echte rollen zichtbaar: de gevaarlijke tegenstander, de leider van de kinderen, en soms nog het hulpje van de leider. In de praktijk komt dat er op neer dat drie kinderen in dit verhaal eigenlijk geen rol hebben. Het is in mijn ervaring heel uitzonderlijk wanneer ze allemaal een echte taak krijgen, zodat ze allemaal echt deelnemen aan de ontmoeting tussen de tegenstander en de leider.

Dus na de positieve constatering dat alle groepen een onverwacht mooi spannend gegeven hebben bedacht stel ik de vraag, of alle leerlingen vonden dat iedereen een echte rol in het verhaal had. En meestal is dat helaas niet het geval...!

Naar een oplossing zoeken: een stukje theorie

  • Ik beken de leerlingen dan altijd eerlijk dat ik ze expres eigenlijk een verkeerde opdracht heb gegeven. Omdat de groepjes te groot waren en te veel kinderen eigenlijk geen echte rol konden krijgen.
  • Tegelijkertijd is er ook iets raars aan de hand: het lijkt wel of alleen dappere en gevaarlijke rollen echt iets te doen hebben: die tegenstander, leider en hulp van de leider.
    Maar dat is niet waar!
  • Stel je voor dat ik een heel bang kind speel.
    Dan heb ik het hele stuk veel te doen.
    • 'Zullen we naar de grot gaan' zegt een kind. Onmiddellijk heeft het bange kind veel te spelen!
    • Dan gaat de groep onderweg (vaak het minst interessante deel van het toneelstuk). Maar het bange kind heeft al die tijd nog steeds veel speelmogelijkheden!
    • Dan komen ze bij de ingang van de grot. Het bange kind wordt nu helemaal bang.
    • En al ze de grot in gaan is elke stap al gevaarlijk, zelfs als we nog niet weten dat er straks een engerd tevoorschijn zal komen.

Dat is merkwaardig: het bange kind heeft een véél grotere rol in het verhaal dan die dappere leider! Want het kan met die karaktertrek altijd op alles wat er gebeurt reageren, ook als het spannende moment nog lang niet aangebroken is.

Vragen:

  • Wat zijn mooie karaktertrekken die in dit verhaal de rollen zouden helpen? Bijvoorbeeld:
    • altijd vrolijk, wil steeds spelen,
    • trooster van het bange kind,
    • verstrooide professor die onderweg alle plantjes en vogels wil bestuderen,
    • spoorzoeker, die al een paar rare afdrukken heeft gezien, maar nog niet weet wat ze betekenen,
    • dromer, waar speciaal op moet worden gelet, dat ze hem of haar niet kwijt raken.
  • Weten de leerlingen hoe de makers van animatie- en avonturenfilms dat aanpakken? Kennen ze een voorbeeld van een serie, waarmee je kan zien hoe handig het team van avonturiers is samengesteld?

Ik heb zelfs wel meegemaakt in klassen waar ik dit project deed, dat een leerling die altijd de leidersrol speelde nu de bange rollen ging spelen, zodat de leerlingen die dat nooit konden doen nu eindelijk de baas mochten spelen.
 

Conclusie

  • Wanneer je een rol speelt is het handig om daar slim een bijzondere karaktertrek bij te kiezen. Met die karaktertrek kan je altijd reageren op wat er gebeurt, ook als je even geen hoofdrol hebt.
  • De volgende lessen gaan over die karaktertrekken. Die zijn voor toneelspelers dus heel belangrijk.